Zonlicht via de glasvezelkabel

Zonlicht via de glasvezelkabel

Het Zweedse Parans introduceert in Nederland een systeem om zonlicht via glasvezelkabels in een afgesloten ruimte te brengen. ’s Winters in het donker naar het werk, heel de dag vergaderen onder tl-licht, ’s avonds weer in het donker naar buiten en snel een zonnebankje pakken om er weer tegenaan te kunnen. Menigeen is ermee bekend: de winterdip. Het bedrijf Parans hoopt te profiteren van ons bestaan binnen vier muren door zonlicht via de glasvezelkabel in huis of kantoor aan te bieden.

Het systeem van Parans, een spin-off van de universiteit van Gotenburg, werkt middels een paneel van één vierkante meter aan de gevel of op het dak van een gebouw. Het paneel bevat 64 lenzen die met behulp van software en een elektromotortje de zon gedurende de dag volgen. De lenzen zijn verbonden met glasvezeldraden (vier kabels van zes millimeter dik) die door bestaande elektriciteitsleidingen richting lichtarmaturen zijn te trekken. Om het verlies van lichtintensiteit te beperken, mogen de glasvezelkabels niet langer zijn dan twintig meter.


Elk paneel bedient vier armaturen. De ‘lampen’ zijn lenzen die zijn geslepen om het licht te spreiden of te focussen als spotjes. Het systeem is ook hybride uit te voeren, zodat spaarlampen de verlichting bij invallende duisternis overnemen. ‘Eén paneel is voldoende om een vergaderruimte voor dertig tot veertig man goed te belichten’, zegt Martijn van der Meer van de Nederlandse distributeur EconLight.  

De kosten voor zonlicht via de glasvezelkabel zijn niet gering. Een systeem met één paneel kost bij elkaar tien tot vijftienduizend euro om aan te sluiten. ‘Je mag dan elektriciteitskosten uitsparen, de terugverdientijd komt niet in Frage’, aldus Van der Meer. EconLight richt zich bij de verkoop dan ook vooral op de heilzame werking van daglicht. De distributeur mikt daarbij op bijvoorbeeld gezondheidscentra, sportzalen, winkels, penitentiaire inrichtingen, musea, kantoorgebouwen en appartementencomplexen.

In Europa is het systeem van Parans al op een aantal plekken geïnstalleerd, vooral bij farmaceutische bedrijven, in ziekenhuizen en behandelkamers. ‘Voor het einde van het jaar denken wij ook in Nederland een eerste pilot te hebben’, voorspelt Van der Meer.